Volgens mij maken we geluk vaak veel te ingewikkeld. We zoeken het in een groter huis, een mooiere auto of die ene droombaan. Terwijl het meestal gewoon voor je neus ligt.
In je vrouw die een proteïneshake voor je klaarzet als je jezelf net tijdens een training volledig de blubber hebt gelopen.
In Joey Veerman die eindelijk zijn welverdiende transfer naar Borussia Dortmund te pakken heeft. Gewoon omdat ik het hem zo ontzettend gun.
In een warme regenbui tijdens een intervaltraining. Zeiknat worden op het moment dat je net even dat stukje verkoeling kunt gebruiken. Magisch!
In je kinderen die er dolgelukkig op uit trekken in de regen, gewapend met een pamper, een paraplu, kaplaarzen én een ijsje (zie: foto).
In de nieuwe ‘buurhond’ waardoor de meiden weer helemaal in de wolken zijn. Wij trouwens ook, want hierdoor hoeven wij geen huisdier aan te schaffen. Ideaal!
In iedere dag weer even puzzelen aan die ene droomreis die pas over een paar jaar plaatsvindt en ondertussen keihard uitgelachen worden door de rest van het gezin die je al weken compleet voor gek verklaren.
In een liedje waarvan werkelijk ieder woord en iedere noot je raakt of in schaamteloos zitten janken om zo’n filmpje waarin een gezin dat het moeilijk heeft onverwachts wordt geholpen.
In iemand die precies op het juiste moment een appje stuurt met slechts twee woorden:
‘Alles goed?’
Verdomd, misschien bestaat een gelukkig leven uiteindelijk gewoon uit een enorme verzameling van dit soort volstrekt onbeduidende momenten.

En zo is het