‘Bij ons thuis werd iedere dag muziek gemaakt’

Mon Amour betekent de grote doorbraak voor BZN
Mon Amour betekent de grote doorbraak voor BZN

Muziek loopt als een rode draad door het leven van Jack ‘Dekker’ Veerman (72). Als drummer van BZN beleeft hij een ongekend succesverhaal, maar zijn muzikale wortels liggen veel verder terug. Van de jazzplaten van zijn vader tot The Beatles, van de eerste drumlessen tot de wereldhit ‘Mon Amour’. Een reis door de tijd met een muzikant die zijn liefde voor muziek inmiddels ook bij zijn kleinzoon terugziet.

“Wij hadden thuis een enorm groot gezin en muziek was er altijd. Mijn vader speelde trompet, saxofoon en klarinet. Alle drie perfect. Hij had vroeger zelfs een band met zijn zwager. Bij ons werd iedere dag muziek gemaakt en ook gedraaid. Veel Benny Goodman en Louis Armstrong, Amerikaanse muziek. Die muziek inspireerde mijn vader om zelf een Band te beginnen met zijn zwager Jan Bootsman en twee Edammers. De Evo Band. Thuis werd er overigens van alles een beetje gedraaid. Ook Nederlandstalig en later natuurlijk de muziek die opkwam begin jaren ‘60 met The Beatles, The Stones, Kinks, Beach Boys en meer. Dat was de muziek waarmee ik opgroeide. Televisie hadden we niet en sociale media bestonden natuurlijk helemaal niet. Je kon gaan voetballen of bij het fanfarekorps. Bij ons thuis werd dat laatste enorm gestimuleerd.”

Van gitaar naar drumstel

“Mijn broer Jan kreeg een gitaar en begon mij daarop les te geven. Ik was een jaar of zes, zeven. Eigenlijk begon mijn muzikale carrière dus met gitaarspelen. Dat kan ik trouwens nog steeds redelijk goed. Toch trokken die trommels mij veel meer. Als het korps door Volendam marcheerde, liep ik er altijd naast. Mijn broers speelden mee en ik wilde niets liever dan erbij horen. Normaal moest je elf of twaalf zijn, maar mijn vader regelde dat ik al op mijn negende mocht beginnen.”

Zijn muzikale ambities reiken al snel verder dan het plaatselijke korps. “Toen ik veertien was, wilde ik echt goed leren drummen. Mijn vader zei: ‘Dan gaan we niet aanrommelen. We zoeken een goede leraar.’ Die vonden we in Amsterdam. Eentje op conservatoriumniveau. Ik ging met de bus naar Noord, met de pont naar het Centraal Station en vervolgens met lijn twee naar het Leidseplein. Daarna moest ik nog naar de Leidsegracht lopen. Dat heb ik jarenlang gedaan. Ik wilde het gewoon ontzettend graag leren.”

Een Franse ingeving

Ondertussen ontdekt hij de popmuziek. “Mijn oudere broers hadden een ruimte waar ze met hun band konden repeteren. Daar hoorde ik weer veel van The Beatles, The Kinks en The Rolling Stones. Ik mocht af en toe mee en zoog alles op. Later ging ik zelf in bandjes spelen. Eerst bij Alles en daarna bij Progress. Toen ik twintig was, werd ik gevraagd voor BZN. Jan Keizer verruilde het drumstel voor de microfoon en er kwam een plek vrij. Ik moest wel gewoon auditie doen.”

Halverwege de jaren zeventig krijgt de band het moeilijk. “De drive-inshows kwamen op. Eén man met een platenspeler was goedkoper dan een complete band. Overal stopten groepjes. Wij moesten ook iets anders bedenken.”

De oplossing ontstaat tijdens de repetities voor een kerstviering. “We mochten gratis repeteren in een school, maar moesten in ruil daarvoor de kerstmis muzikaal verzorgen in de Mariakerk. Daar konden we natuurlijk geen harde rockmuziek spelen. We vroegen Maribelle om mee te zingen en gingen melodieuzere muziek maken. Op een repetitie kwam Thomas Tol met een melodietje. Ik speelde er een drumroffel bij en Jan Keizer begon voor de grap Franse woorden te zingen. Zo ontstond ‘Mon Amour’, dat uiteindelijk werd ingezongen door Anny Schilder. Inmiddels wereldberoemd.”

Bij platenmaatschappij Negram is de reactie onmiddellijk enthousiast. “We hadden drie demo’s meegenomen. Wij dachten dat ze een ander nummer zouden kiezen, maar Cor Aaftink wilde steeds opnieuw dat Franse liedje horen. Hij zei meteen: ‘Dit gaan we opnemen en het wordt nummer één.’”

Tijdens de Volendamse kermis staat Jack achter de bar wanneer de legendarische manager Jaap Buys binnenkomt, in het gezelschap van Rob Out en Lex Harding. “Ik draaide ons singletje regelmatig. Ze vroegen van wie dat Franse nummer was. Toen ik vertelde dat het van BZN was, geloofden ze me bijna niet. Kort daarna werd het een alarmschijf bij Veronica. Vanaf dat moment veranderde alles.”

De platenmaatschappij verwacht vervolgens razendsnel een album. “Kees Tol en ik lagen met een enorme kater op de vloer van ons repetitielokaal toen de telefoon ging. Ze vroegen hoever we met het album waren. We hadden nog helemaal niets! Het stond alleen al aangekondigd voor Sinterklaas. Toen zijn we als gekken gaan schrijven en opnemen. Onder die druk ontstonden de mooiste liedjes.”

Het album The Best Days of My Life verschijnt nog in 1976 en vormt het begin van een ongekend succesverhaal. Met hits als ‘Don’t Say Goodbye’, ‘Pearlydumm’, ‘Just an Illusion’ en ‘Amore’ groeit BZN uit tot een van de succesvolste Nederlandse bands aller tijden. Een carrière die Jack naar talloze podia brengt, maar zijn liefde voor de muziek waarmee het ooit allemaal begon, blijft onveranderd.

Reis door de Tijd

Jaren ‘60

“The Beatles, Rolling Stones en The Kinks. Dat waren de groepen die mij gevormd hebben. Die muziek zit nog altijd in mijn systeem. The Beach Boys vond ik ook fantastisch. Hun album Pet Sounds is bovenmenselijk goed. Ontzettend veel wereldberoemde bands hebben zich door The Beach Boys laten inspireren.”

Jaren ‘70

“ABBA, Fleetwood Mac en The Eagles. Dat waren geweldige bands. Vooral Mick Fleetwood was mijn grote voorbeeld als drummer. Ik heb ontzettend veel video’s van hem verzameld. Zijn manier van spelen vond ik fantastisch. Die muziek draai ik nog steeds graag.”

Jaren ‘80/’90

“In de jaren tachtig werd de muziek steeds elektronischer. Daar had ik minder mee. U2 vond ik wel goed. Pearl Jam ben ik eigenlijk pas later gaan waarderen doordat ik nummers van ze moest spelen tijdens de Top 2000-concerten. Dan ga je je erin verdiepen en ontdek je hoe mooi die muziek is. Dat geldt ook voor Coldplay.”

21e eeuw

“Marco Borsato en Guus Meeuwis vond ik uitschieters in de Nederlandstalige muziek. Met veel hedendaagse muziek heb ik minder. Ik blijf toch vooral houden van de muziek waarmee ik ben opgegroeid. Die muziek spreekt ook nog steeds de nieuwe generaties aan. Dat merk ik nu ook aan mijn kleinzoon Dex. Die is veertien en vroeg laatst: ‘Bap, heb jij misschien een pick-up?’ Ik had er toevallig nog eentje staan die ik nooit gebruikte. Die mocht hij meenemen en ik gaf hem ook wat platen. Nu zit hij lekker lp’s te draaien. Het mooie is dat hij de muziek van vroeger veel mooier vindt dan wat hij tegenwoordig hoort. Dat is toch geweldig?”

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *