Tussen mijn vijftiende en zeventiende zet zich wonderwel een heuse groeispurt in. Binnen anderhalf jaar groei ik van 158 naar 184 centimeter. Naar analogie van die spurt, neemt ook mijn zelfvertrouwen flink toe. Pukkels verdwijnen als sneeuw voor de zon en ik krijg een beugel. Tanden beginnen plotsklaps recht te staan.
Die grote tanden – waar ik me eerst zo voor schaam – zorgen plotseling voor een Prodent-smile. Ik sport veel, ben relatief slank, kleed mezelf, voor die tijd, behoorlijk stijlvol (al zeg ik het zelf) en begin er zowaar esthetisch verantwoord uit te zien.
Dit gaat aan het vrouwelijk schoon niet onopgemerkt voorbij. Ik zoen wat met meisjes, hoewel het nooit echt serieus wordt. Totdat ik haar ontmoet. Het gevoel dat ik heb bij haar is nieuw voor me. Ik ben op slag verliefd.
Ze is fantastisch. Mijn eerste, echte jeugdliefde. Die vergeet je nooit. Ik krijg zware verkering. Na wat gezoen in het steegje achter haar huis, lijkt het me interessant een keer het bloemetjesmotief van haar slaapkamerbehang te beoordelen. Tenslotte zoenen we al een tijdje. We vertrekken na een avond moed indrinken naar haar ouderlijke woning. Het is zaterdagavond. Zeg maar nacht. Haar pa en ma liggen al lang en breed in bed. Vredig te slapen.
Ik voel een nieuw hoofdstuk in mijn rampendossier aankomen.
Het is niet dat ik nu met loeiende sirenes naar een ziekenhuis moet, maar een kleine ramp? Daar kun je wel van spreken.
We sluipen, behoorlijk aangeschoten, de trap op. Op weg naar haar slaapkamer. Het lijkt prima te gaan. Tot het moment dat ik mijn evenwicht verlies, de trapleuning krampachtig vast moet grijpen en deze besluit in zijn geheel, met schroeven en al, uit de muur te schieten. In no time lig ik, met leuning en al, onder aan de trap. Zowaar geen botten gebroken. Slechts mijn trots.
Schoonouders begripvol?
Het is me nooit vergeven.’
(Bovenstaand verhaal is een fragment uit mijn semi-biografische schelmenroman Zijwind.)

Dat was bedakken jan 😂😂zo erg toch alles gebroken ?
Alleen mijn trots.
🤣🤣🤣🤣
(bloos)